The Chronicles of Riddick: Assault on Dark Athena
reviewWhat’s Your Story, Motherfucker!
Midden 2004 verraste het Zweedse Starbreeze Studios de XP-redactie met een schitterende movie tie-in, namelijk het eerste deel van De Kronieken van Riddick, Escape From Butcher Bay. Het zou vervolgens drie jaar duren eer ze opnieuw van zich lieten horen, maar in 2007 plezierden ze alweer de gamecommunity, ditmaal met The Darkness. Ik keek bijgevolg vol verwachting uit naar de nieuwe game voortkomende uit de symbiose tussen Starbreeze en Tigon Studios (een bedrijfje van Vin Diesel in hoogsteigen persoon). Het resultaat ontgoochelt geenszins, en hoewel de makers zich hadden kunnen vergenoegen met een vervolg op het eerste deel, besloten ze om daarenboven het originele Xbox-spel (plus de twee destijds pc-exclusieve stages) een volledige 360-makeover te geven.
Beide verhalen gaan vooraf aan de cultfilm Pitch Black. Als één van de laatste Furyans, een buitenaards ras, wordt Richard B. Riddick door premiejager William J. Johns meegevoerd naar de gevangeniskolonie Butcher Bay. Riddick, prachtig vertolkt door Vin Diesel, is natuurlijk niet zinnens hier de rest van zijn dagen te slijten en weg te rotten in een donkere cel, maar gaat vrijwel meteen op zoek naar een ontsnappingsroute. Daarbij kan hij rekenen op de hulp van enkele medegevangenen, doch voor wat hoort wat en dat vertaalt zich hier in een handvol leuke queesten: van gif vermengen in iemands maaltijd om het slachtoffer wat aan te porren zijn schulden te betalen tot het bezorgen van een verklikkerlijst, terwijl het hoofd biedend aan rivaliserende bendes en de veelal corrupte bewakers. In de daarop volgende speurtocht door de duistere mijngangen ontvangt Riddick zijn kenmerkende gave: eyeshine, zeg maar nachtzicht. Ik spoel nu even verder en pik opnieuw de draad op aan het einde van het eerste verhaal, daar waar Riddick en Johns weten te ontkomen aan boord van een ruimteschip, een ongezien bloedbad achter hun latend. We slaan het nieuwe boek open en Riddick wordt haast meteen brutaal uit zijn cryoslaap gewekt door het afgaande botsingsalarm. Een vreemd, gigantisch ruimteschip entert hun vaartuigje, maar de Furyan weet ter nauwer nood uit de handen van de piraten te blijven. Al gauw komt hij achter de ware toedracht van dit zootje schurken, namelijk gevangenen ombouwen tot willoze drones, welke veel weg hebben van de verraderlijke Borg uit Star Trek. Riddick is vastbesloten om aan dit onrecht op de Dark Athena – de naam van het schip, vandaar de titel – een einde te maken en roept opnieuw de hulp in van enkele onschuldige veroordeelden, voor zover die nog niet helemaal krankzinnig zijn geworden in hun cel. In de daaropvolgende speurtocht botst hij in één van de vele ventilatiekokers op een mysterieus meisje, Lynn genaamd…
Let’s Play, Cocksucker!
Ook vijf jaar later voelt de gameplay nog steeds fris en modern aan, zodanig zelfs dat men de formule quasi ongemoeid liet in Assault on Dark Athena. Een First Person Shooter (FPS) met zoveel elementen uit andere genres is op zich al een zeldzaam iets, dat het allemaal samenvloeit tot een lekker speelbaar geheel is helemaal een rariteit. Bij de aanvang van het spel beschik je trouwens over geen vuurwapens, maar moet je het doen met je vuisten en allerlei illegale steekwapens. De tegenstand neemt echter toe naarmate je in het spel vordert, zodat het steeds belangrijker wordt om de omgeving in je voordeel te gebruiken. Je maakt de verlichting onklaar, kruipt in de donkere hoekjes of je verschuilt je achter dozen om vervolgens een argeloze bewaker langs achter te besluipen en op één van de vele gruwelijke manieren te vermoorden. Niet alleen dien je zelf onzichtbaar te zijn, ook je sporen moeten uitgewist worden door de dode lichamen te verslepen naar een verduisterde plek (of in een steenvergruizer te kieperen). Dat belet Riddick echter niet om de tegenstanders ook frontaal te tackelen, FPS-style, in het bijzonder tijdens de enkele beklijvende boss-gevechten. Toch geniet stealth daar waar mogelijk de voorkeur, want hoewel de Artificial Intelligence (AI) niet altijd getuigt van een groot vermogen, zuigen hun kogels je gezondheidsmeter in een oogwenk leeg. Gelukkig herstel je gedeeltelijk van de schade indien je even kan schuilen en daarenboven kan je op voldoende plaatsen in vervaarlijk uitziende machines bijtanken. Doorheen de levels liggen ook tientallen verzamelobjecten verspreid. Om die allemaal te vinden, moet je oog voor de kleinste details hebben en er komt op de koop toe flink wat klauter- en kruipwerk aan te pas. Waar The Chronicles of Riddick zich dus echt onderscheidt van de gemiddelde FPS, is in de variatie in het spelverloop. Terwijl je het ene moment nog je hersens breekt over een heuse platformpuzzel of discreet er op los moordt, zit je wat verder in een rechttoe rechtaan vuurgevecht verwikkeld met een tot de tanden bewapende mech.
Alles is echter niet rozengeur en maneschijn. Erg genoeg is dat niet helemaal de schuld van de makers, maar van de grote slokoppen Halo en Call of Duty. Dan heb ik het natuurlijk over de multiplayer en over de pijnlijke vaststelling dat er in de lobby’s van Assault on Dark Athena amper volk aanwezig is. Het probleem is zo frappant dat je zelfs tijdens het Xtival ’09 de aan de gang zijnde matchen – je kan deze op elk moment joinen – op twee handen kon tellen. Dan koop je natuurlijk niks met de zestien mappen en zes spelmodes (Deathmatch, Team Deathmatch, Capture The Flag, Butcher Bay Riot, Pitch Black en Arena). Het valt overigens op hoe weinig de multiplayer gemeen heeft met de gameplay van de eigenlijke singleplayer. Je rent met een man of twaalf aan een verschroeiend tempo door de grote arena’s, onderweg voortdurend wapens en power-ups oprapend en je schiet vervolgens elkander aan gort. Misschien hadden ze iets meer originaliteit aan de dag moeten leggen zoals met de Pitch Black-mode waarin één speler Riddick is en de rest van de aanwezigen letterlijk in het duister tast over zijn aanwezigheid om zo een hardcore kern van mensen aan te trekken, want met zo weinig spelers is het balen dat 400 van de 1000 nu haast onmogelijk te behalen achievementpunten zijn voorbehouden aan deze mode.
Show Me Your Pussy!
Voor beide games werd dus dezelfde, nieuwe engine gebruikt. Die komt het best tot zijn recht in het tweede deel, temeer daar er enkele designfoutjes zijn meegeglipt uit het origineel. Butcher Bay voelt ook wat kaler aan, waarschijnlijk door de hardwarebeperkingen van de eerste Xbox. Maar vergis je niet, net zoals Assault on Dark Athena ziet het er verdomd goed uit, die laatste is echter net dat tikje gelikter. De framerate is strak, de teksturen scherp en de doodsanimaties zodanig lekker dat ik me er meermaals op betrapte de vijand – tegen beter weten in – vanuit mijn dekking te bespringen om hem vervolgens open te rijten met de Ulak messen, een wapen wat menig ninja zou doen watertanden. De showsteler is echter het samenspel van licht en schaduwen. Terwijl ik toch de pest heb aan donkere games waarin je met een alles groen kleurende nachtkijker iets in het duister tracht te ontwaren, komt Riddicks erfenis uit de films – eyeshine – hier als een godsgeschenk. Met zijn gave kan je immers zonder het beeld te vervuilen met zwart-wit-groene pixels, de donkerte geloofwaardig verdrijven, terwijl de in-house 3D-engine goochelt met de overbelichtingeffecten en lichtbundels van de zoeklichten en zaklampen verontrustende silhouetten op de omgeving projecteren. Even imposant is het geluid met sfeervolle (film)muziek en zalige geluidseffecten. Of wat dacht je van de scène in de doucheruimte waar je in een toilet iemand zijn ding hoort doen, inclusief de plonsgeluiden en het gekreun! Het zijn vooral deze stemacteurs, waaronder Vin Diesel, die een onvergetelijke indruk achterlaten. Niet alleen worden de conversaties met veel emotie neergezet, ook de bedreigingen naar jouw persoontje zijn grof en duidelijk gemeend. Ik durf gerust te stellen dat Assault on Dark Athena de plaats in het Guinness Book of Records kan opeisen als dé game waarin het meeste gevloekt wordt. De motherfuckers, cocksuckers, assholes en pussy’s vliegen je om de oren! Daar kunnen de 189 fuckjes van The House of the Dead: Overkill het niet van halen!
Game Over, Asshole!
Net zoals in 2004 levert Starbreeze Studios een fantastische game af. Tot op de dag van vandaag konden maar weinige andere developers het subtiele evenwicht vinden tussen goorheid en gameplay, deze Zweden beheersen de kunst tot in de perfectie. Assault on Dark Athena is op zichzelf al een strakke “uitbreiding”, in combinatie met het herwerkte Escape From Butcher Bay krijg je een supervet spel waaraan geen enkele gamer voorbij zou mogen gaan. Enkel jammer van de multiplayer die, door een gebrek aan authenticiteit, me er nu van weerhoudt deze game een tien te geven.
Midden 2004 verraste het Zweedse Starbreeze Studios de XP-redactie met een schitterende movie tie-in, namelijk het eerste deel van De Kronieken van Riddick, Escape From Butcher Bay. Het zou vervolgens drie jaar duren eer ze opnieuw van zich lieten horen, maar in 2007 plezierden ze alweer de gamecommunity, ditmaal met The Darkness. Ik keek bijgevolg vol verwachting uit naar de nieuwe game voortkomende uit de symbiose tussen Starbreeze en Tigon Studios (een bedrijfje van Vin Diesel in hoogsteigen persoon). Het resultaat ontgoochelt geenszins, en hoewel de makers zich hadden kunnen vergenoegen met een vervolg op het eerste deel, besloten ze om daarenboven het originele Xbox-spel (plus de twee destijds pc-exclusieve stages) een volledige 360-makeover te geven.
Beide verhalen gaan vooraf aan de cultfilm Pitch Black. Als één van de laatste Furyans, een buitenaards ras, wordt Richard B. Riddick door premiejager William J. Johns meegevoerd naar de gevangeniskolonie Butcher Bay. Riddick, prachtig vertolkt door Vin Diesel, is natuurlijk niet zinnens hier de rest van zijn dagen te slijten en weg te rotten in een donkere cel, maar gaat vrijwel meteen op zoek naar een ontsnappingsroute. Daarbij kan hij rekenen op de hulp van enkele medegevangenen, doch voor wat hoort wat en dat vertaalt zich hier in een handvol leuke queesten: van gif vermengen in iemands maaltijd om het slachtoffer wat aan te porren zijn schulden te betalen tot het bezorgen van een verklikkerlijst, terwijl het hoofd biedend aan rivaliserende bendes en de veelal corrupte bewakers. In de daarop volgende speurtocht door de duistere mijngangen ontvangt Riddick zijn kenmerkende gave: eyeshine, zeg maar nachtzicht. Ik spoel nu even verder en pik opnieuw de draad op aan het einde van het eerste verhaal, daar waar Riddick en Johns weten te ontkomen aan boord van een ruimteschip, een ongezien bloedbad achter hun latend. We slaan het nieuwe boek open en Riddick wordt haast meteen brutaal uit zijn cryoslaap gewekt door het afgaande botsingsalarm. Een vreemd, gigantisch ruimteschip entert hun vaartuigje, maar de Furyan weet ter nauwer nood uit de handen van de piraten te blijven. Al gauw komt hij achter de ware toedracht van dit zootje schurken, namelijk gevangenen ombouwen tot willoze drones, welke veel weg hebben van de verraderlijke Borg uit Star Trek. Riddick is vastbesloten om aan dit onrecht op de Dark Athena – de naam van het schip, vandaar de titel – een einde te maken en roept opnieuw de hulp in van enkele onschuldige veroordeelden, voor zover die nog niet helemaal krankzinnig zijn geworden in hun cel. In de daaropvolgende speurtocht botst hij in één van de vele ventilatiekokers op een mysterieus meisje, Lynn genaamd…
Let’s Play, Cocksucker!
Ook vijf jaar later voelt de gameplay nog steeds fris en modern aan, zodanig zelfs dat men de formule quasi ongemoeid liet in Assault on Dark Athena. Een First Person Shooter (FPS) met zoveel elementen uit andere genres is op zich al een zeldzaam iets, dat het allemaal samenvloeit tot een lekker speelbaar geheel is helemaal een rariteit. Bij de aanvang van het spel beschik je trouwens over geen vuurwapens, maar moet je het doen met je vuisten en allerlei illegale steekwapens. De tegenstand neemt echter toe naarmate je in het spel vordert, zodat het steeds belangrijker wordt om de omgeving in je voordeel te gebruiken. Je maakt de verlichting onklaar, kruipt in de donkere hoekjes of je verschuilt je achter dozen om vervolgens een argeloze bewaker langs achter te besluipen en op één van de vele gruwelijke manieren te vermoorden. Niet alleen dien je zelf onzichtbaar te zijn, ook je sporen moeten uitgewist worden door de dode lichamen te verslepen naar een verduisterde plek (of in een steenvergruizer te kieperen). Dat belet Riddick echter niet om de tegenstanders ook frontaal te tackelen, FPS-style, in het bijzonder tijdens de enkele beklijvende boss-gevechten. Toch geniet stealth daar waar mogelijk de voorkeur, want hoewel de Artificial Intelligence (AI) niet altijd getuigt van een groot vermogen, zuigen hun kogels je gezondheidsmeter in een oogwenk leeg. Gelukkig herstel je gedeeltelijk van de schade indien je even kan schuilen en daarenboven kan je op voldoende plaatsen in vervaarlijk uitziende machines bijtanken. Doorheen de levels liggen ook tientallen verzamelobjecten verspreid. Om die allemaal te vinden, moet je oog voor de kleinste details hebben en er komt op de koop toe flink wat klauter- en kruipwerk aan te pas. Waar The Chronicles of Riddick zich dus echt onderscheidt van de gemiddelde FPS, is in de variatie in het spelverloop. Terwijl je het ene moment nog je hersens breekt over een heuse platformpuzzel of discreet er op los moordt, zit je wat verder in een rechttoe rechtaan vuurgevecht verwikkeld met een tot de tanden bewapende mech.
Alles is echter niet rozengeur en maneschijn. Erg genoeg is dat niet helemaal de schuld van de makers, maar van de grote slokoppen Halo en Call of Duty. Dan heb ik het natuurlijk over de multiplayer en over de pijnlijke vaststelling dat er in de lobby’s van Assault on Dark Athena amper volk aanwezig is. Het probleem is zo frappant dat je zelfs tijdens het Xtival ’09 de aan de gang zijnde matchen – je kan deze op elk moment joinen – op twee handen kon tellen. Dan koop je natuurlijk niks met de zestien mappen en zes spelmodes (Deathmatch, Team Deathmatch, Capture The Flag, Butcher Bay Riot, Pitch Black en Arena). Het valt overigens op hoe weinig de multiplayer gemeen heeft met de gameplay van de eigenlijke singleplayer. Je rent met een man of twaalf aan een verschroeiend tempo door de grote arena’s, onderweg voortdurend wapens en power-ups oprapend en je schiet vervolgens elkander aan gort. Misschien hadden ze iets meer originaliteit aan de dag moeten leggen zoals met de Pitch Black-mode waarin één speler Riddick is en de rest van de aanwezigen letterlijk in het duister tast over zijn aanwezigheid om zo een hardcore kern van mensen aan te trekken, want met zo weinig spelers is het balen dat 400 van de 1000 nu haast onmogelijk te behalen achievementpunten zijn voorbehouden aan deze mode.
Show Me Your Pussy!
Voor beide games werd dus dezelfde, nieuwe engine gebruikt. Die komt het best tot zijn recht in het tweede deel, temeer daar er enkele designfoutjes zijn meegeglipt uit het origineel. Butcher Bay voelt ook wat kaler aan, waarschijnlijk door de hardwarebeperkingen van de eerste Xbox. Maar vergis je niet, net zoals Assault on Dark Athena ziet het er verdomd goed uit, die laatste is echter net dat tikje gelikter. De framerate is strak, de teksturen scherp en de doodsanimaties zodanig lekker dat ik me er meermaals op betrapte de vijand – tegen beter weten in – vanuit mijn dekking te bespringen om hem vervolgens open te rijten met de Ulak messen, een wapen wat menig ninja zou doen watertanden. De showsteler is echter het samenspel van licht en schaduwen. Terwijl ik toch de pest heb aan donkere games waarin je met een alles groen kleurende nachtkijker iets in het duister tracht te ontwaren, komt Riddicks erfenis uit de films – eyeshine – hier als een godsgeschenk. Met zijn gave kan je immers zonder het beeld te vervuilen met zwart-wit-groene pixels, de donkerte geloofwaardig verdrijven, terwijl de in-house 3D-engine goochelt met de overbelichtingeffecten en lichtbundels van de zoeklichten en zaklampen verontrustende silhouetten op de omgeving projecteren. Even imposant is het geluid met sfeervolle (film)muziek en zalige geluidseffecten. Of wat dacht je van de scène in de doucheruimte waar je in een toilet iemand zijn ding hoort doen, inclusief de plonsgeluiden en het gekreun! Het zijn vooral deze stemacteurs, waaronder Vin Diesel, die een onvergetelijke indruk achterlaten. Niet alleen worden de conversaties met veel emotie neergezet, ook de bedreigingen naar jouw persoontje zijn grof en duidelijk gemeend. Ik durf gerust te stellen dat Assault on Dark Athena de plaats in het Guinness Book of Records kan opeisen als dé game waarin het meeste gevloekt wordt. De motherfuckers, cocksuckers, assholes en pussy’s vliegen je om de oren! Daar kunnen de 189 fuckjes van The House of the Dead: Overkill het niet van halen!
Game Over, Asshole!
Net zoals in 2004 levert Starbreeze Studios een fantastische game af. Tot op de dag van vandaag konden maar weinige andere developers het subtiele evenwicht vinden tussen goorheid en gameplay, deze Zweden beheersen de kunst tot in de perfectie. Assault on Dark Athena is op zichzelf al een strakke “uitbreiding”, in combinatie met het herwerkte Escape From Butcher Bay krijg je een supervet spel waaraan geen enkele gamer voorbij zou mogen gaan. Enkel jammer van de multiplayer die, door een gebrek aan authenticiteit, me er nu van weerhoudt deze game een tien te geven.
2 reacties
kiranereis schreef reactie 1 op 12 Mei 2009 om 13:24
helemaal eens met deze review.alleen spijtig dat de "massa" deze game naar alle waarschijnlijkheid links zal laten liggen
hiscore schreef reactie 2 op 14 Mei 2009 om 15:14
Lege lobbies: dat probleem hadden we vroeger niet met AI bots. Men heeft echter masaal gekozen om alles op online play te zetten indertijd en nu zijn er maar een paar shooters die nog volk trekken (meestal terecht overigens). Unlike Killzone 2 bv. waar je je net als in UT3 nog eens kunt laten gaan tegen vijandelijk AI. Zelfs Perfect Dark Zero was op dat vlak een buitenbeetje.
Geef een reactie
Artikel info
- Auteur
- Joel Reniers
- Datum
- 11 mei 2009
- Gamertag
- AlienStorm
Game info

Beschikbaar op
- X360
- Game
- The Chronicles of Riddick: Assault on Dark Athena
- Publisher
- Atari
- Developer
- Starbreeze Studios
- Genre
- First-person Shooter
Game score
9/10
