Sonic & Sega All-stars Racing
review
Kart racen is de laatste jaren een beetje in de vergeethoek gesukkeld. Gelukkig onderneemt niemand minder dan Sega een nieuwe poging om het genre wat leven in te blazen, met Sonic & Sega All-stars Racing (SSASR). Sega heeft op zijn zachtst gezegd een rijk gevulde portefeuille aan games personages, en zag een uitgelezen kans om deze vergeten helden wat af te stoffen.
Naast all-stars zoals Sonic, Tails, en Knuckles, zijn er ook oude Sega helden als Alex Kidd, B.D. Joe uit Crazy taxi, zombies uit House Of The Dead, Aiai uit Samba De Amigo, Billy Hatcher, Dr. Eggman, of Ryu uit Shenmue van de partij. Helaas zijn er ook minder bekende figuren aanwezig die men voor mijn part beter had gelaten voor wat ze zijn. Maar dat wordt ruimschoots goed gemaakt door de aanwezigheid van Banjo & Kazooie! De rol van kart racer is dit duo werkelijk op het lijf geschreven, en in een mum van tijd ontpopte dit olijke duo zich tot mijn favoriete personage. Verrassend is ook dat je kan racen met je Xbox Live avatar, een bijzonder leuke toegevoegde waarde! Alles bij elkaar onderscheiden de personages zich lang niet zo goed als in Mario Kart, maar toch is het ruimere aanbod best leuk. Al zullen slechts weinig mensen met elk van hen vertrouwd zijn.
In de singleplayer mode zijn er verschillende cups die je kan doorlopen, en een aantal missies waar je een doel voor ogen hebt tijdens de race. Je kan verder ook deelnemen aan Time Trials. Door al deze races te winnen verdien je Sega Miles, die je kan besteden in een shop aan onder andere nieuwe personages en nieuwe tracks. Een titel als SSASR smeekt natuurlijk om een lijvige multiplayer mode, en die hebben we gelukkig gekregen. Je kan aan de slag met vier spelers in splitscreen, en acht online. Niks is immers leuker dan met je vrienden aan de slag te gaan, en het valt beter te verkroppen wanneer je een power-up op je dak krijgt van een vriend, dan van de willekeur van de AI.
De besturing van alle karts is uitstekend, en ook met het snelheidsgevoel zit het goed. Het befaamde powersliden uit Mario Kart is ook van de partij, en laat je toe meer competitief te racen. Uiteraard staat of valt een racegame met leuke circuits om op te racen. Helaas lieten de circuits ons met een beetje een dubbel gevoel achter. 24 circuits is een mooi aantal, maar helaas is het een bont allegaartje met een aantal vervelende problemen. Kwantiteit boven kwaliteit dus. Platform games hebben de zogeheten “leap of faith”, waar je blindelings een sprong in het ongewisse maakt. Hier kunnen we gerust spreken van een “bocht of faith”. Door een combinatie van hoge snelheid, en een soms ongelukkige camera die niet voldoende laat zien waar je naar toe rijdt, zal je dikwijls blind een bocht in rijden, met alle gevolgen van dien. Een ander idee waar je beter aan kan wennen, is dat er weinig vangrails zijn. Op zich geen probleem, ware het niet dat veel locaties boven diepe afgronden lopen. Je verliest op zijn zachtst gezegd heel wat tijd met van het parcours te donderen. Al deze kleine irritaties verdwijnen natuurlijk als sneeuw voor de zon eens je de parcours wat van buiten begint te kennen.
Maar zelfs dan steekt een andere hinderpaal de kop op. Je vind zonder twijfel enkele ronduit geweldige circuits in deze game, maar er zitten eveneens een aantal erbarmelijke tracks in. Tracks waarvan je je afvraagt of je er hoegenaamd op kan racen, en waar de miserabele track layout meer dan eens roet in het eten gooit. Sommige bochten kan je gewoon niet fatsoenlijk aansnijden, en de overdaad aan rommel op het wegdek grenst soms aan het misselijk makende. Men heeft elke wereld van de personages omgezet naar een circuit. De vraag is echter of dit wel een goede zaak was, want sommige levels zijn zo over de top dat ze gewoonweg niet waard zijn racetracks genoemd te worden. Ik waande me met momenten eerder op de botsautootjes. Ik zeg het niet graag, maar ik had graag iets minder tracks gezien, maar dan wel allemaal degelijke!
Op grafisch vlak zit het allemaal wel snor. De framerate, toch wel van kapitaal belang in een racegame, is niet bijster stabiel maar gooit
alles bij elkaar niet te veel eten in het roet. De werelden zijn erg kleurrijk, en er zit enorm veel variatie in. Vervelen doen ze in geen geval. De personages zijn leuk geanimeerd, maar ook de decors zijn allesbehalve statisch. Toch hebben de gedetailleerde graphics ook hun keerzijde. Al dit oogsnoep leidt natuurlijk de aandacht af van de essentie, namelijk het racen. Er gebeurt zoveel op je scherm, dat het soms ten koste gaat van het overzicht. Er liggen overal doorheen de parcours power-ups rondgeslingerd. Je kent het wel, boosts, raketten om de tegenstander uit zijn sokken te schieten, een schild en dergelijke meer. Er zitten wel enkele originele power-ups tussen zoals een toeter, maar de eenvoud en het niveau van de Mario Kart speeltjes wordt nergens geëvenaard. Je kan slechts een power-up tegelijk vasthouden, en dat viel ons enigszins tegen. Zo laat het binnenkort te verschijnen Blur je toe tot drie power-ups vast te houden, wat de strategische mogelijkheden wel wat vergroot. Hopelijk niet ten koste van de balans, maar dat zien we dan wel. In ieder geval, hoe vaak wil je dat je een specifieke power-up had tijdens een situatie? Hier is het dus roeien met de riemen die je hebt, eentje tegelijk.
Naast de standaard power-up heeft elk personage een all-star move, zeg maar gerust een overpowered trucje dat je in een mum van tijd naar een top drie positie lanceert. Hoe slechter je racet, hoe vaker je deze power-up te zien krijgt. We moeten Sega overigens een dikke pluim geven voor de creativiteit waarmee het omspringt met de all-star move van je avatar personage. Wanneer je deze power-up activeert komen niemand minder dan de avatars uit je friendslist je wagen optillen, om je sneller door je rondje te helpen. Dit is het soort meerwaarde die avatars kunnen bieden, helaas maken niet meer ontwikkelaars er gebruik van. Deze game is dan ook op maat gemaakt voor dergelijke fratsen!
Het geluid is niet direct een hoogvlieger. De muziek en effecten horen natuurlijk bij elk thema van het level, en herinneren je vaak aan de oude titels. Nostalgie op en top, al klinkt het toch behoorlijk oubollig bij momenten. Sommigen zullen het niet anders willen, maar ik krijg persoonlijk braakneigingen van de enerverende arcade stem die aftelt naar de start, alsmede de stratenouwe Sega geluidjes. Wat ons evenmin beviel, was een vervelende bug die we tegen het lijf liepen. Op een plaats waar je door een boostpad over een kloof geslingerd wordt viel onze kart even stil door een botsing. De game bleek vervolgens niet meer in staat om ons ver genoeg te lanceren, zodat ik telkens gereset werd voor de sprong. Ik zat in een loop, waar enkel de restart button me uit kon redden.
We kunnen er niet omheen, bij een game als deze moet je vroeg of laat de vergelijking maken met de ongeslagen kampioen binnen het genre, namelijk Mario Kart. Het is intussen wel duidelijk dat SSASR het op zo goed als alle vlakken moet afleggen tegen Nintendo's gouden kalf, enkel de graphics pleiten in het voordeel van SSASR. Een schande is dat echter niet, zeker niet wanneer je de game bent die het hardst op de regerende kampioen lijkt en minstens even plezierig is om te spelen. Maar, wie Mario Kart zegt moet ook leren omgaan met tal van frustraties die dit genre met zich meebrengt, en dat geldt even goed voor SSASR. De geluk- en frustratie factor ligt heel vaak om de hoek. De ene seconde rij je vrolijk op de eerste plaats, om luttele seconden later de rode lantaarn te zijn. Als er een ding is dat deze game je leert, dan is het dat succes snel kan keren. De vele rommel op het wegdek belet je vaak echt los te gaan, je vliegt om de haverklap van het parcours, en vaak kom je tot dode stops door vervelende obstakels langs de weg. Ook de vele power-ups die op je afgevuurd worden, onderbreken je race voortdurend, waardoor de flow vaak uit de race gehaald wordt. Maar goed, die zaken horen nu eenmaal bij een kart game. Je kan nog altijd op zoek gaan naar shortcuts om eventuele fouten goed te maken, of je kan ineens goed uit de startblokken schieten met een jumpstart aan het begin van de race.
Sonic & Sega All-stars Racing doet hard zijn best en zet een mooi eindresultaat neer. Toch zal iedereen moeten toegeven dat Mario Kart nog steeds de betere kart game is, mede door de lage instapdrempel, meer karakteristieke personages, en door de eenvoudige look die nergens afleidt van de kern van de zaak. Helaas is Mario Kart ook een game waar je een Nintendo platform in huis moet voor hebben, terwijl SSASR een multiplatform titel is. Sonic & Sega All-stars Racing gunnen we dan ook van harte een verdiende tweede plaats binnen het kart genre.
0 reacties
Geef een reactie
Artikel info
- Auteur
- Bart De Poortere
- Datum
- 17 april 2010
- Gamertag
- Silveer
Game info

- X360
- Game
- Sonic & SEGA All-Stars Racing
- Publisher
- Sega
- Developer
- SEGA
- Genre
- Race
- Release
- 26/02/2010
Game score


