Traditioneel zijn in de maanden na de kerstperiode bitter weinig goeie games te vinden. De Tsunami van eindejaarstitels begon de laatste jaren stilaan belachelijke proporties aan te nemen, in die mate dat zelfs toptitels verstikten tussen de moordende concurrentie. Gelukkig hebben uitgevers het licht gezien en de eerste vrucht die we mogen plukken van dat spreidingsplan is Darksiders, de nieuwste action-adventure van Vigil Games. Iedereen heeft vast wel al eens gehoord van de vier ruiters van de Apocalyps, want daar draait het hier om. Deze olijke rakkers hebben als taak toe te zien dat de oorlog tussen hemel en hel een beetje beschaafd verloopt. Kwestie dat de mensheid de dupe niet wordt van hun geruzie. Helaas barst de oorlog compleet los, en wordt de mens genadeloos uitgeroeid. Een van deze ruiters, luisterend naar het koosnaampje War, wordt door een hoge raad ten onrechte beschuldigd van deze tegenslag. Bovendien worden al zijn krachten afgenomen. Als dat geen ideaal uitgangspunt is voor een game! War krijgt de kans om het goed te maken, zij het onder het waakzame oog van een guardian, een soort geest die af en toe helpt met enkele richtlijnen.
Maar eigenlijk heeft War geen hulp nodig, hij is immers een struise kerel die uitstekend voor zichzelf kan zorgen dankzij een heel arsenaal aan moves. Net zoals andere titels uit het genre moet je heel wat combo’s onthouden. Toegegeven, met button bashen kom je een heel eind, maar dat wil zeker niet zeggen dat Darksiders volledig draait rond hersenloos knoppen rammen. Verschillende vijanden vergen een verschillende aanpak, en ook al kan je de meeste gevechten beëindigen met de standaard x button, je haalt meer voldoening uit knokpartijen wanneer je speciale moves uit de kast haalt. Na verloop van tijd krijg je meerdere wapens ter beschikking zoals bijvoorbeeld een zeis, een werpster, en een vuurwapen genaamd Mercy. Je kan ook voorwerpen zoals autowrakken oppakken en naar de vijand slingeren. Er zit dus zeker voldoende diepgang in de combat. Eens een vijand op de knieën gaat, kan je die afmaken met een coole finishing move. Ik moet jullie vast niet vertellen dat het dodental na enkele uren spelen al gauw de duizend overschrijdt, en zelfs dan steekt het vechten nog lang niet tegen.
Niet alle moves zijn echter offensief. Aanvallen kunnen afgeweerd en gecounterd worden, en een veel gebruikte toets is je rechter schouder button, die een soort dash doet waarmee je aanvallen ontwijkt. Na enkele uren spelen krijg je een paar vleugels waarmee je kort kan zweven. Soul Reaver laat groeten! Nog later kan je ook een chaosvorm aannemen. Je verandert dan in een demon die in luttele slagen elke vijand in de pan hakt. Helaas duurt dit effect niet lang, dus kies je best zorgvuldig een moment uit. Gaandeweg leer je ook met de tijd knoeien, zodat je in slow motion eenvoudige puzzels kan oplossen. Naast al het vechten komt er enig platform werk aan bod. Je kan springen, doublejumpen, aan richels hangen, op muren klauteren en abseilen. Zelfs een baantje trekken door het occasionele vijvertje is geen probleem voor onze held, ondanks zijn loodzwaar harnas.
De spelwereld is erg groot, gelukkig blijft alles overzichtelijk dankzij een gedetailleerde kaart met daarop alle nog te bezoeken plekjes. Er zijn vier reusachtige dungeons met elk een eigen eindbaas en deze heeft men ronduit indrukwekkend vorm gegeven. Buiten de dungeons liggen nog meer uitgestrekte gebieden waar je snel door kan reizen door gebruik te maken van portals. Aanvankelijk start je in vervallen stadsdecors, maar gaandeweg kom je terecht in gotische kathedralen, woestenijen, riolen, ondergrondse lavapoelen, maar ook groene gebieden. Veel variatie dus, en datzelfde geldt ook voor je vijanden. Deze komen in alle maten en gewichten, vooral de eindbazen zijn ronduit indrukwekkend. Al moet gezegd worden dat ze niet bijzonder moeilijk te verslaan zijn. Naast de combat op de grond kan je vliegen op de rug van een soort griffioen. Je vliegt dan automatisch langs een rechtlijnige route. Het enige wat je moet doen is richten en spervuur ontwijken. Dit lekker potje knallen zorgt voor een leuke afwisseling met al het zwaardvechten en platformen. Zoals ik al zei is War een ruiter van de Apocalyps. Het zou nogal belachelijk zijn moest je in die positie niet over een paard beschikken, maar gelukkig is dat niet het geval. Ruin is zijn vurige spookros, zoals de handleiding netjes omschrijft. Uiteraard kan je op deze knol een lekker potje gaan draven. Ruin heeft immers een leuke boost upgrade waar menige car tuner een puntje aan kan zuigen.
Waar we toch ook enkele woorden aan mogen besteden, zijn de puzzels. Deze zijn groots van opzet, maar nooit echt moeilijk. Ten allen tijde is het duidelijk wat je vervolgens moet gaan doen, en je krijgt een warm gevoel van binnen wanneer je puzzels oplost. Een schoolvoorbeeld van uitmuntend level design dus, maar da’s niet moeilijk als je weet dat Darksiders qua structuur nogal aanvoelt als een Zelda game. Wie vertrouwd is met de term Metroidvania zal hier alvast zijn hart kunnen ophalen.
En dan is er nog Vulgrim, een ex-bondgenoot van de Destroyer (aka de duivel) die het verknald heeft bij zijn vorige werkgever. Belust op wraak besluit hij jou te helpen, door hier en daar op te duiken met een handig winkeltje. Je kan er nieuwe moves en wapens kopen, in ruil voor zielen. Deze verdien je door vijanden te doden of door schatkisten te openen. Wie echter een beetje verder kijkt dan zijn neus lang vind al snel andere manieren om zielen te verdienen. In de verlaten straten vind je overal objecten die je kan stuk meppen, ik denk bijvoorbeeld aan parkeermeters, lantaarnpalen, graven en standbeelden. Ook deze voorwerpen leveren kleine hoeveelheden zielen op. Alle beetjes tellen! Op de koop toe is Vulgrim een verwoed verzamelaar van Artifacts. Dit zijn goed verstopte items met een groene gloed, die je aardig wat zielen opleveren wanneer je ze inruilt. Naast zielen kan je een of andere gele substantie verdienen. Deze haal je eveneens binnen door vijanden af te slachten, maar je kan het ook kopen bij Vulgrim, en hier en daar zit het in schatkisten verborgen. Hiermee kan je uiterst krachtige aanvallen doen, de zogeheten Toornkrachten. Je springt er best zuinig mee om want erg veel kan je deze aanvallen niet gebruiken. Elk van deze aanvallen kan je upgraden naar een hoger level. Datzelfde upgraden geldt overigens voor elke nieuwe move die je leert. Je hoeft enkel de duiten op te hoesten bij Vulgrim, en je gehaktmolen draait weer wat soepeler.
Darksiders is ongetwijfeld een plezier voor het oog. Niet zozeer door het detail, wel door gebruik van een prachtig kleurenpalet en veel variatie in de omgevingen. De animaties zijn netjes afgewerkt, de characters zien er heel fantasierijk uit, en de camera doet zijn werk naar behoren. Er is echter een punt waarvoor Darksiders keihard op de vingers getikt moet worden, en dat is de abominabele hoeveelheid screentearing die je naar je kop geslingerd krijgt. Het is onbegrijpelijk waarom alles in deze game zo gepolijst is, maar dat men een dergelijke blunder niet opgemerkt heeft. Intussen heeft Vigil al aankondigt dat hier een patch voor gaat volgen. Ik vrees alleen dat de meeste mensen de game al uitgespeeld zullen hebben tegen de tijd dat de patch er is. Het geluid is overigens ook goed geslaagd. Zowel de stemacteurs als de effecten slagen er in om een lekker grimmig sfeertje neer te zetten. Wie graag een potje online speelt moet ik teleur stellen, want multiplayer is niet aanwezig.
Darksiders bijt dit jaar de spits af en zet dankzij zijn ijzersterke gameplay meteen de toon. Het is een waar plezier om een nieuwe IP te zien opduiken, die van de eerste keer een schot in de roos is. Vigil heeft heel goed begrepen dat een game tot de laatste minuut boeiend houden sterk afhankelijk is van het voortdurend belonen van de speler. Je krijgt om de haverklap nieuwe mogelijkheden. Het platformen, de combat en de puzzels, maar ook het hele art concept zijn van heel hoog niveau. Ik ga niet ontkennen dat de originaliteit soms een beetje zoek is, maar daar tegenover staat dat de game van het begin tot het einde een plezier is om te spelen. Je zal overigens een uur of 15 bezig zijn eer je het verhaal doorlopen hebt, nog meer indien je op zoek gaat naar alle verborgen items. Met Bayonetta, God Of War 3, en Dante’s Inferno om de hoek heeft Darksiders aardig wat concurrentie, gelukkig onderscheidt de game zich meer dan genoeg om zijn deel van de koek op te eisen. 2010 kon niet beter starten wat mij betreft. Rest nog deze vraag: waar blijven de drie andere ruiters?
Slimdavy schreef reactie 1 op 19 Januari 2010 om 21:39
Ben de game ook aan het spelen; recensie voor een andere website. Lang geleden dat ik een spel met zoveel plezier heb gespeeld. 2010 kon inderdaad niet beter starten.
Benmaster schreef reactie 2 op 26 Januari 2010 om 18:45
Bayonetta is toch een serieus stapke hoger hoor , vooral de afwerking kon beter ( screentearing )
Vraeck schreef reactie 3 op 28 Januari 2010 om 21:51
De patch is intussen uit, dus die screentearing is a thing of the past.
Volt schreef reactie 4 op 29 Januari 2010 om 16:38
Goeie review, en naar mijn mening toch ook een verrassing om het jaar mooi mee in te zetten. Opent eigenlijk het hack & slash genre naar het avontuurgenre, wat nog maar weinig andere games ooit hebben geprobeerd.